Hoe het succes van de Car-Pass nog maar het begin is

car pass

Bij slechts 0,22% van de wagens die een verplichte Car-Pass hebben, was er vorig jaar nog gesjoemel met de kilometerstand gemoeid. Conclusie: het systeem werkt. Ondertussen worden er verscheidene stappen ondernomen tegen kilometertellerfraude bij importwagens, waar het probleem voorlopig nog iets prominenter blijft.

In 2006 werd de Car-Pass in het leven geroepen om fraude met de kilometerstand bij de verkoop van een tweedehandswagen – een praktijk die tot dan nog veel te courant bleef – een halt toe te roepen. Dertien jaar na zijn introductie is de Car-Pass uitgegroeid tot een instrument dat tellerfraude bijna volledig wist te elimineren: het percentage fraudegevallen bleek vorig jaar nog maar 0,22 procent van het totaal te bedragen, of 1.648 (zeer) waarschijnlijke fraudegevallen op een totaal aantal van bijna 750.000 in België afgeleverde Car-Pass-documenten (import niet meegerekend).

Helpen waken
Dat de gemiddelde omvang van de fraudegevallen die toch nog werden ontdekt nog meer dan 64.000 kilometers bedraagt, illustreert natuurlijk dat waakzaamheid desondanks geboden blijft. Eind 2018 stonden er bijna 22,8 miljoen voertuigen in de Car-Pass-database, goed voor net geen 216 miljoen doorgegeven kilometerstanden. De gemiddelde kilometerstand bij aflevering van de Car-Pass staat op iets meer dan 112.000 kilometer. De gemiddelde leeftijd bedroeg iets meer dan 9 jaar.

Voor de verkoop van auto’s binnen België is de Car-Pass dus een overweldigend succes, en ook de aanpak van fraudegevallen bij importwagens vanuit Nederland brengt ondertussen zoden aan de dijk. Bijna 40 procent van de opgemerkte fraudegevallen zijn gelinkt aan auto’s die werden ingevoerd van bij onze noorderburen. Sinds 2016 wisselen Car-Pass en de Nederlandse RDW, de organisatie die de registratie van gemotoriseerde voertuigen en rijbewijzen verzorgt, gegevens uit. De afgelopen twee jaar is fraude met uit Nederland geïmporteerde voertuigen met liefst 58 procent gedaald.

Europese aanpak
Vanaf 1 januari 2020 wordt er ook nog een stap verder gegaan: autoconstructeurs zullen vanaf dat moment verplicht zijn om de kilometerstanden uit hun centrale databank aan Car-Pass mee te delen wanneer het voertuig in België wordt geïmporteerd. Ook was de vzw Car-Pass nauw betrokken bij de opmaak van een Europese resolutie voor een krachtigere aanpak van tellerfraude binnen de hele Europese Unie. Bij dertig tot vijftig procent van alle internationale tweedehandsverkopen is er sprake van gesjoemel. Dat kost de Europese consument jaarlijks miljarden euro’s, stelde het Europees Parlement, dat de resolutie eind mei vorig jaar met 91 procent van de stemmen aannam.

De resolutie, die voorlopig op de lange baan werd geschoven door de Europese Commissie, voorziet onder meer in een beter wetgevend kader voor de aanpak van fraudeurs. Ook worden er technische oplossingen voorgesteld voor autoconstructeurs om kilometertellers te beschermen tegen manipulatie. Databanksystemen, zoals de Car-Pass in België, worden eveneens als een cruciaal element beschouwd. En er wordt ook gekeken naar het gebruik van superveilige blockchaintechnologie voor het digitaal opslaan van kilometerstanden, en het automatisch bewaren van data die constant worden gegenereerd door een toenemend aantal connected cars.

Bron Nieuwsblad: https://www.nieuwsblad.be/cnt/dmf20190912_04604658

admin Autowereld